Boekelo van toen
Een interview met mevrouw Bertha Stokkers-Wes.
Om de tijd te duiden begint mevrouw Stokkers met een anekdote.
Ze vraagt ons of we de betekenis kennen van "�n toet�n van Seinhorst".
Gerard Schartman begint te lachen en kent de betekenis, mij zegt het niet meer
dan de simpele vertaling van "de zak van Seinhorst".
Bertha legt het uit: de zak werd door zijn uiterlijk herkend en daarmee
verdoezelen veel mensen dat ze niet konden lezen. Over die tijd hebben we het
dus. We spreken af dat we na drie kwartier zullen stoppen. Reactie Bertha: "Ik
weet niet of ik het zolang kan volhouden".
Bertha werd geboren in Haaksbergen aan de Siepeweg, dicht bij de Bommelas in
het Buurzerzand. Ze ging in de Veldmaat naar school, je weet wel de school waar
nu de scouting in zit. Het schoolhoofd bepaalde aan het eind van de zesde klas
wie er naar de Ulo mochten. Bertha was een van de drie uitverkorenen. Maar haar
moeder bepaalde anders; haar oudere zus Gerda kon niet studeren, dan mag Bertha
niet studeren en dus allemaal in betrekking door de week.
Ze groeide op in een gezin met vier meisjes die nu allemaal nog in leven zijn.
Gerda is nu 90 jaar oud, dan kwam Bertha, vervolgens Riek (86 jaar) en tenslotte
Diny (83 jaar).
U begrijpt Gerard nog ik dorsten te vragen hoe oud Bertha zelf nu is.
Grootmoeder strooide nog zand in de keuken waarin nog figuren werden gemaakt
omdat de dochters zondags langs kwamen. We droegen allemaal lange rokken, de
rijke lui ook maar die waren mooier en chiquer. Op het hoofd werden nog mutsen
gedragen, de welbekende knipmuts
Als er iemand was overleden droeg men een sobere muts zonder bloemen of
versieringen. Toen ons moeder de muts aflegde vonden wij dat als meiden wel erg
jammer.
Moeder is gestorven toen ze 73 jaar was. Vader is 93 jaar oud geworden. Hij was
fietsenmaker en werkte bij zijn broer in Usselo die daar een kruideniers annex
fietsenwinkel had. Naast de winkel was een smid gevestigd die Abbink heette.
Tante Dientje zag vanuit haar kruidenierswinkel wie naar de kerk ging en wist
daardoor precies wie bij het koffie drinken na afloop van de kerk een stoof
nodig had. Immers er werd na de kerk bij haar koffie gedronken en inkopen gedaan
in haar winkel
Gingen jullie ook al uit in die tijd?
Je had weinig geld in die tijd. Maar we kenden het dubbeltje dansen bij Eysink
en Centraal in Haaksbergen of Lippinkhof en Assink (huidige Assinkhof) in
Enschede.
Het was een mooie tijd, uitgaan begon op tijd en je was weer op tijd thuis. Je
wist waar je aan toe was: " Noe gaot ze midden in nach oet en verslaopt ze de
sundag".
Ik was natuurlijk ook wel eens verliefd, maar je keek eerst de kat uit de boom.
Van huis uit kreeg je de boodschap wel mee, maar dat hoef ik hier niet verder
uit te leggen.
Ik herinner me dat ik een keer een katholieke jongen wel leuk vond. Maar dat was
snel afgelopen, vader kwam langs en zei: " Blief van miene dochter of, vaotgaon".
De verschillen tussen protestanten en katholieken waren nog niet zoals nu, dat
wil zeggen men kon niet veel hebben van elkaar.
Iedereen werkte bijna bij de Boekelose Stoom Bleekerij, die had toen wel 600
mensen aan het werk. In de oorlog liepen we naar de BSB 1 uur heen en 1 uur
terug, alles op klompen. Voor de fabriek had je een apart paar. Onlogisch was
het lopen niet, want thuis hadden we samen 1 fiets. Je begon in de fabriek in
het pluizenhok, daarna werkte ik me op naar de opmaakkamer, stukwerk, hoe meer
je maakte hoe meer je verdiende. Mijn volgende baantje was controleuse en ten
slotte kwam ik op de kunstzijdeafdeling.
Mijn man Herman Stokkers leerde ik kennen toen ik 16 jaar was. We hebben het ook
wel eens uit gehad, hadden beiden toen een ander, maar dat heeft maar kort
geduurd.
Moet kunnen toch, " Noe slaopt de kleinkinder al bie meka veurdat ze trouwt
bint".
We zijn getrouwd in 1947 en dan moest je stoppen met werken. Het was een schande
als je als vrouw moest werken, immers je man moest je onderhouden. De bruiloft
hebben we gehouden bij Hulscher (huidige De Buren) waardoor we een schuld van
Hfl.300, - hadden. Dus moest Bertha 1 dag in de week, gedurende 1 jaar bij de
vader en moeder van Herman Dalenoord werken, om de schuld af te lossen.
We moesten nog een huis vinden om te wonen. De wachttijd voor toestemming van de
gemeente was toen vier jaar. Er was een huis vrij aan de Weleweg, dat
toebehoorde aan Herman van De Berke (de verbouwde boerderij waar nu de familie
Polman woont). Er stonden vier
huizen waar nu tandarts Van Vegten woont. Op een daarvan hadden wij ons oog
laten vallen.
De gemeente wilde echter niet meewerken. Herman van De Berke zei:
"dat huis gaat naar Herman en Bertha". Doordat Meester Oude Groen en Herman van
De Berke samen spanden gingen we toch in het huis zonder toestemming.
Vanuit De Berke had je zicht op ons huis. Op een dag was mijn zus met haar man
bij mij op bezoek. Ze waren gekomen op de motor. Herman van De Berke vertrouwde
het niet en stond plotseling met het geweer in aanslag bij ons in de keuken.
Toen hij zag dat het kunnigheid was, vertrok hij weer. Ja, Herman van De Berke
schoot op alles wat los en vast zat.
Onze andere naober was Lies van Het Teesink een erg fijne vrouw. Het was daar
geweldig wonen, we hadden daar nooit weg moeten gaan.
Die tijd was niet geweldig, alles was op de bon en weinig geld. Mijn man was
eerst schilder bij Heiink, daarna had hij een goede baan bij Julius van Heek.
In 1957 werden we door Willem Stokkers de vader van mijn man uitgenodigd om aan
de Kwinkelerweg 223 te komen wonen. De oude lui gingen naar achteren wonen en zo
kwam mijn man in de aannemerij.
De dokter heeft me toen nog wel afgeraden daar naar toe te gaan. Herman heeft
eerst samengewerkt met Frits Heinrich aan de Boekelosebleekweg. De Kwinkelerweg
was toen nog een zandweg (met kuilen) en liep vlak langs erve Het Hulscher waar
Geit Hulscher woonde. Er was geen straatverlichting.
Alle dagen kwamen de bakker, kruidenier, melkboer en de groenteman Gerard
Schartman langs de deur.
Willem Stokkers kreeg eens van een belangrijke boer opdracht een doodskist te
maken. In de werkplaats zocht Willem de timmerman Herman Niemeijer maar kon hem
niet vinden. Bleek Niemeijer in de kist te liggen slapen.
Mijn man wilde nog een keer voor zich zelf bouwen aan de Kwinkelerweg het
huidige nummer 29. Ik was tegen, zo�n groot huis wie moet dat schoonhouden. Onze
zoon Wim was al getrouwd en Arend was toen 15 jaar en ging naar de M.T.S. in
Hengelo. Volgens mij zat Arend meer op het vliegveld dan in Hengelo.
Mijn man zette zijn zin door en bouwde het huis. Hij heeft er maar 1 jaar kunnen
wonen, toen overleed hij.
Onmiddellijk stond er iemand aan de deur die de zaak wilde overnemen, maar ik
heb hem weggestuurd. Uiteindelijk heb ik zelf de zaak overgenomen en voortgezet.
Dat wil zeggen de jongens (het personeel) hebben het gedaan onder de bezielende
leiding van Marinus Ros.
In die tijd en ook daarna heb ik veel steun gehad van Bernard van Heek waarvoor
ik hem nog altijd dankbaar ben.
Toen ik 80 jaar werd heb ik binnen het bedrijf de Vutters club opgericht die
ieder jaar een dag bij elkaar komen.
Het interview stopte na anderhalf uur en de reactie van Bertha was: " ist noe a
genog".
Historische Kring Boekelo Usselo Twekkelo e.o
|
HISTORISCHE KRING BOEKELO - USSELO - TWEKKELO |
De Historische Kring deelt u mede dat wij gesloten zijn vanaf
dinsdagavond
29 juni tot en met 31 augustus aanstaande.
Vanaf dinsdagavond 7 oktober
20:00 uur bent u weer van harte welkom met foto's
en documenten e.d. die u ons wilt laten zien (of laten kopi�ren) of vragen die u
vanuit historisch oogpunt bezien na aan het hart liggen.
Wij kijken terug op een actief en druk voorjaarsseizoen 2010 waar wij ook weer
een aantal goede nieuwe contacten hebben opgedaan.
Wij wensen u een prettige en aangename vakantie.
Met vriendelijke groeten,
Jacques van Baal, voorzitter.
|